Lessen websites

Lesidee Fictie

Leerlingen gaan een eigen website ontwerpen over een boek. Op deze site vermelden ze de volgende onderdelen:

  1. Auteur, genre en pictogram van het boek
  2. Personages
  3. Samenvatting
  4. Eigen mening over het boek
  5. Recensies
  6. Afbeeldingen passend bij het verhaal
  7. Flaptekst van het boek
  8. Afbeelding kaft

Elk onderdeel is een apart tabblad op de website.

Kerndoel 08: Fictie en non-fictie
De leerling leert verhalen, gedichten en informatieve teksten te lezen die aan zijn belangstelling tegemoet komen en zijn belevingswereld uitbreiden.

Subdoelen
De leerling leert:

  • verhalen lezen en er verwerkingsopdrachten bij maken,
  • (jeugd)boeken lezen en er verwerkingsopdrachten bij maken,
  • gedichten lezen en er verwerkingsopdrachten bij maken,
  • informatieve tijdschriften of websites kennen over bijvoorbeeld sport, hobby, natuur, muziek, milieu, actualiteit en leert de meeste informatie die erin staat begrijpen,
  • de leerling leert uitleggen over welke onderwerpen hij graag leest en welke      tekstsoorten zijn voorkeur hebben.

Les idee Spelling en grammatica

De docent ontwikkelt een website voor de leerlingen die behoefte hebben aan verrijking. Op de website vinden leerlingen uitleg en opdrachten van een hoger niveau dan de basisstof waar ze aan werken. Deze website wordt gedeeld via It’s Learning, de digitale leeromgeving.

Kerndoel 02: Correct taalgebruik
De leerling leert zich te houden aan conventies (spelling, grammaticaal correcte zinnen, woordgebruik) en leert het belang van die conventies te zien.

Subdoelen
De leerling leert

  • de grammaticale begrippen die nodig zijn voor het toepassen van werkwoordspellingregels en interpunctieregels: werkwoord, persoonvorm, zinnen en zinsdelen, werkwoordelijk gezegde, onderwerp,
  • de regels voor werkwoordspelling,
  • de regels voor de spelling van andere woorden,
  • de regels voor interpunctie,
  • de spelling- en interpunctieregels toepassen bij het schrijven,
  • eigen teksten en die van klasgenoten nakijken op spelling en interpunctie,
  • de spellingcorrectiefunctie van de computer hanteren en ook wat er de      beperkingen van zijn,
  • grammaticale begrippen die behulpzaam zijn voor het leren van moderne vreemde talen: lijdend voorwerp, meewerkend voorwerp, bijwoordelijke bepaling, naamwoordelijk gezegde,
  • de grammaticaregels voor de vorming van correcte zinnen,
  • de grammaticaregels toepassen bij het schrijven,
  • wat het onderscheid is tussen formele en informele taal en tussen spreek- en schrijftaal,
  • in spreeksituaties en bij het schrijven de woordkeus aanpassen aan de situatie,
  • ‘schrijfgeweten’  ontwikkelen: kent het belang dat de samenleving hecht aan correct taalgebruik; ziet het belang van juiste spelling, woordkeus en zinsbouw;      heeft de wil om goed te schrijven,
  • ‘schrijfbewustzijn’ ontwikkelen: reflecteren op de eigen spelling, woordkeus en zinsbouw; aanvoelen wanneer een woord of zin goed gekozen en goed geschreven is en wanneer hij daaraan moet twijfelen.

Lesidee Presenteren

Leerlingen gaan presenteren. Er zit een opbouw in de uitvoering. Ze beginnen met het voordragen van een gedicht of een hoofdstuk uit een boek. Stap twee is het geven van een instructie. Waar deze instructie voor is, mogen ze zelf kiezen. Hierbij valt te denken aan een het installeren van een computerspel, het plakken van een fietsband etc. Stap drie is het houden van een presentatie over een onderdeel dat bij het vak Nederlands past. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de uitleg van een grammaticaonderdeel.

Kerndoel 07: Presenteren
De leerling leert een mondelinge presentatie te geven.

Subdoelen

Soorten presentaties
De leerling leert bijvoorbeeld:

  • voordragen; een mop, gedicht, verhaal,
  • navertellen; een gebeurtenis, de inhoud van een boek, film, krantenbericht, al dan niet verrijkt met een eigen mening erover,
  • informatie geven, bijvoorbeeld aan nieuwe leerlingen op school,
  • instructie geven, bijvoorbeeld uitleg over de regels van een computerspel,
  • een demonstratie geven met toelichting over werking en totstandkoming, bijvoorbeeld van een zelfgemaakt apparaat of een maquette,
  • commentaar geven, bijvoorbeeld bij een sportwedstrijd of een modeshow,
  • verslag doen, bijvoorbeeld van een reis of een onderzoek,
  • een betoog houden; om een standpunt te verdedigen bijvoorbeeld in een actuele kwestie, om het publiek te overtuigen,
  • een plan, idee of voorstel presenteren, bijvoorbeeld voor een nieuw aanbod in de kantine,
  • een rondleiding geven, bijvoorbeeld in een gebouw, een buurt of bij een tentoonstelling. 

Lesidee Taal & woordenschat

Leerlingen maken een digitaal woordenboek op internet. Op de website maken ze een woordenlijst van alle woorden die in hun leerjaar aan bod komen bij Taal & woordenschat. Tevens vullen ze de lijst met woorden die ze zelf tegen komen en moeilijk vinden. Ter ondersteuning van de uitleg zoeken leerlingen afbeeldingen bij woorden of maken ze een woordweb bij de woorden.

Kerndoel 03: Woordverwerving
De leerling leert in schriftelijke en digitale bronnen informatie te zoeken, deze te ordenen en te beoordelen op waard voor hemzelf en anderen.

Subdoelen
De leerling leert:

  • doorlezen, verder luisteren, als ze een moeilijk woord tegenkomen,
  • de betekenis van woorden afleiden uit de context,
  • de betekenis van woorden afleiden uit vorm en woordsoort,
  • de betekenis van woorden afleiden uit onderdelen van het woord,
  • woordbetekenissen opzoeken in een woordenboek en de betekenis begrijpen in context,
  • een woordweb of begrippenweb maken met associaties (ook als basis voor      schrijven),
  • begrippen omschrijven, synoniemen geven,
  • een eigen woordenlijst aanleggen,
  • ‘woordbewustzijn’ ontwikkelen: weten wanneer een woord belangrijk is in een tekst, weten of ze een woord of begrip helemaal, gedeeltelijk of niet begrijpen, weten welke strategie ze het beste kunnen toepassen om een moeilijk woord te begrijpen.

Lesidee Schrijven

Leerlingen houden een weblog bij. Ze schrijven een maand lang op hun eigen weblog wat ze dagelijks allemaal meemaken.

Kerndoel 01: Spreken en schrijven
De leerling leert zich mondeling en schriftelijk begrijpelijk uit te drukken.

Subdoelen
De leerling leert:

  • leesbare teksten maken
  • zich oriënteren op de schrijftaak
  • de schrijftaak voorbereiden
  • de schrijftaak uitvoeren
  • vragen beantwoorden, opgaven uitwerken
  • persoonlijke kaart of e-mail schrijven
  • formulier invullen
  • advertentie opstellen
  • formele brief of e-mail schrijven
  • verslag doen
  • werkstuk schrijven
  • creatieve tekst schrijven
  • powerpointpresentatie of posterpresentatie maken

Basisvaardigheden
Leerlingen leren

  • een goede bladspiegel maken, inspringen en witregels gebruiken,
  • de computer gebruiken om teksten te maken, te bewerken, te bewaren, te versturen,
  • met beleid lettertypes, vet, cursief, onderstrepen, kaders, kleur, plaatjes en andere opmaakfuncties gebruiken (het wordt al snel rommelig).

De schrijftaak uitvoeren houdt in dat de leerling:

  • een eerste versie van de tekst schrijft aan de hand van de voorbereiding en daarbij let op zinsbouw, woordkeus en spelling,
  • de tekst (zo mogelijk een tijdje weglegt en dan) naleest, aanvult en verbetert,
  • commentaar vraagt van iemand anders aan de hand van een checklist, die de meer ervaren leerling eventueel ook zelf kan gebruiken:
  • is de hoofdzaak goed uitgelegd en onderbouwd?
  • is de woordkeus geschikt voor het beoogde publiek?
  • is de tekstopbouw logisch?
  • zijn er spelfouten of zinnen die niet goed lopen?
  • is de vormgeving zoals het hoort bij deze tekstsoort?
  • is de tekst niet te lang of te kort?
  • zijn er nog andere adviezen?
  • de tekst herschrijft aan de hand van het commentaar.

Drie aandachtspunten gebruik van websites maken in de klas

  1. Het is belangrijk dat leerlingen zich er bewust van zijn dat alles wat ze op de website zetten, openbaar is. Daarom moeten ze goed nadenken over de informatie die ze erop plaatsen.
  2. De website moet prettig leesbaar zijn. Daarom is het belangrijk dat de leerlingen een duidelijk lettertype kiezen en dat de indeling overzichtelijk is. Ook niet onbelangrijk is de keuze van de kleur van de letters. Gele letters op een witte achtergrond zijn bijvoorbeeld onleesbaar.
  3. De informatie die op de website geplaatst wordt, moet kloppen. Daarom moeten de leerlingen gebruik maken van betrouwbare bronnen. Dit kunnen boeken zijn, maar ook andere websites. Bij het overnemen van informatie van een andere website of uit een boek, moeten de leerlingen de bron vermelden. Anders is er sprake van plagiaat.